Je bent hier » Tijdschrift » Archief » Archief wonen » Nieuwe zoneringsplannen in de maak

Nieuwe zoneringsplannen in de maak

Terug

Slechts 2,5% van het water op aarde is zoet en niet meer dan 0,26% is beschikbaar om drinkbaar water van te maken. In België worden bv. 43% van de beschikbare watervoorraden effectief gebruikt. Vaststellingen die nopen tot het nodige respect tijdens het behandelen van water. Elke druppel telt. Dat kan gebeuren op basis van gezond boerenverstand, maar gezien de toenemende technische mogelijkheden en de wettelijke bepalingen en complexiteit kan extra hulp van pas komen. Het Waterloket wil aan deze behoefte voldoen.

 

Het Waterloket is ondertussen al vier jaar lang een aanspreekpunt rond duurzaam omgaan met water. Het wordt geleid door de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) en is een samenwerking tussen drie parastatalen(VMM, VVSG en Aminal afdeling water) en vormings- en adviescentrum Dialoog. De belangrijkste thema’s die de meeste vragen oproepen zijn de Individuele Behandeling van Afvalwater (IBA), regenwaterrecuperatie, infiltratie en groendaken, zo blijkt uit een evaluatie van de voorbije werking. Ben ik verplicht een IBA te plaatsen? Kan ik subsidies krijgen? Wat is het beste systeem? Het zijn slechts enkele voorbeelden van vragen die de voorbije vier jaar het vaakst in onze richting kwamen gewaaid.

 

Algemeen blijkt dat de gemiddelde burger, begrijpelijkerwijs, weinig of niets afweet van afvalwater, laat staan van het zuiveren ervan. Wanneer iemand een bestaand huis koopt en een verbouwing via bouwvergunning wil uitvoeren, of een nieuw huis bouwt in een gebied waar geen aansluiting is voorzien op een centrale zuivering en op de vergunning ziet dat hij/zij zelf moet instaan voor de zuivering van het huishoudelijke afvalwater is het vaak even schrikken. Het is niet alleen onverwacht maar ook onbekend (en meestal ook onbemind)! Al de hierboven vernoemde vragen doemen plotseling op en de zoektocht begint.

 

Zuiveringszones

Om te kunnen bepalen of het zelf zuiveren van het afvalwater verplicht is, moet eerst nagegaan worden in welke zuiveringszone de woning ligt. Ook het verkrijgen van mogelijke subsidies en vrijstelling van heffingen is gekoppeld aan de zone waarin de woning ligt. De milieudienst of technische dienst van de gemeente kunnen u hierbij zeker verder helpen.

 

Zuiverings-
zone A

Zuiverings-
zone B

Zuiverings-
zone C

Niet
gerioleerd

Definitie

Gerioleerd gebied. Afvalwater komt terecht in een RWZI

Gerioleerd gebied. Afvalwater in de toekomst naar RWZI

Gerioleerd gebied. Afvalwater zal niet terechtkomen in een RWZI

Afvalwater komt terecht in oppervlakte-
water of bodem

Aansluiting op riool

verplicht

verplicht

verplicht

Niet van toepassing

Septische put

bij voorkeur niet

bij voorkeur niet

Enkel voldoende bij bestaande lozingen

Enkel voldoende bij bestaande lozingen

Individuele zuivering

bij voorkeur niet

bij voorkeur niet

Verplicht bij nieuwe lozing

Verplicht bij nieuwe lozing

RWZI: RioolWaterZuiveringsInstallatie (een installatie voorzien om het afvalwater van meer dan 500 personen te zuiveren).

 

Of je al dan niet voldoet aan je individuele zuiveringsplicht door de aanwezigheid van een goed werkende septische put is afhankelijk van het feit of het om een bestaande dan wel een nieuwe lozing gaat. Het onderscheid tussen de twee verschilt naargelang het gaat over een zuiveringszone C of over een niet-gerioleerd gebied. Voor zuiveringszone C spreekt men van een bestaande lozing indien ze bestond vóór 1 augustus 1995. Voor niet-gerioleerd gebied spreekt men van een bestaande inrichting (bestaande lozing) indien ze gebouwd werd vóór 1 januari 1993 en de lozing vóór 1 maart 1993 gemeld werd. Woningen gebouwd na 1 januari 1993 of lozingen gemeld na 1 maart 1993 dienen dus als nieuwe lozingen beschouwd te worden. Het probleem met de huidige situatie is de onzekerheid over de zone waarin een woning gelegen is of binnen enkele jaren zal liggen. Ook kunnen er wegens rioleringswerken nog wijzigingen gebeuren in een bepaalde zone.

 

De zoneringsplannen

Op basis van de momenteel bestaande en geplande zuiveringsinfrastructuur behoort nog ongeveer 20% van Vlaanderen tot het zogenaamde buitengebied. De woningen in deze gebieden wordt sinds 1995 een eigen zuivering opgelegd (hetzij via septische put, hetzij via IBA). Dit gebeurt in principe volgens de normen van Vlarem II, maar in de praktijk blijkt dat er vaak helemaal geen zuivering voorzien is. Volgens de betrokken gemeenten komt dat door het uitblijven van zekerheid rond de zuiveringszones. Eens de zones vastgelegd zijn zullen zowat 20% van de Vlaamse gezinnen (ettelijke honderdduizenden betrokkenen dus) binnen afzienbare tijd verplicht kunnen worden een IBA te plaatsen. Markt genoeg dus!

 

Aquafin ontwikkelde een mathematisch model om het buitengebied verder op te delen in de nog te centraliseren lozingen (= te rioleren) en de individueel te zuiveren lozingen. Dit geeft aanleiding tot een nieuw ontwerp van zoneringsplan dat in de loop van 2005 door de VMM aan elke gemeente ter goedkeuring werd voorgelegd. Pas wanneer deze nieuwe zoneringsplannen en de bijhorende lozingsvoorwaarden in de Vlaamse wetgeving zullen opgenomen zijn, vervallen de huidige A, B en C-zones.

 

De gemeenten zijn nu bezig met het onderzoeken en corrigeren van de rioleringsplannen met het oog op een later openbaar onderzoek en uiteindelijk definitief vastleggen van de plannen via de Vlaamse regering. Ook Vlarem dient aangepast te worden aan de nieuwe situatie. Hiervoor heeft de VMM een aantal voorstellen gedaan aan minister Peeters. Vanaf de datum van goedkeuring van het gemeentelijk zoneringsplan gelden nieuwe lozingsvoorwaarden. In het collectief te optimaliseren buitengebied (lees: door de gemeente) wordt in afwachting van de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel een minimale zuivering opgelegd (septische put of andere). Mensen zullen niet langer verplicht worden een IBA te plaatsen indien in de toekomst aansluiting op riolering en centrale zuivering voorzien is. In een individueel te optimaliseren buitengebied (lees: door de particulier) wordt voor elke woning (bestaande en nieuwe) een IBA opgelegd. Dit vereist overgangsmaatregelen. Kwaliteitsvoorschriften voor IBA en voorbehandeling zullen opgenomen worden in een aangepaste code van goede praktijk.

 

De overgangsmaatregelen

Voor nieuwe woningen geldt een onmiddellijke plaatsing van een gecertificeerde IBA. Voor bestaande woningen geldt plaatsing van een gecertificeerde IBA binnen 5 jaar na goedkeuring van het zoneringsplan. Voor bestaande woningen met een bestaand niet-gecertificeerd systeem tenslotte (doe-het-zelf plantenzuiveraars, lees aandachtig!) geldt de plaatsing van een gecertificeerde IBA binnen 10 jaar na goedkeuring van de zoneringsplannen. Bij deze laatste dienen enkele vragen gesteld te worden. Wat met de systemen die geplaatst zijn vóór het opstarten van de certificeringsprocedure? En is het wel correct een systeem zoals een (al dan niet zelf geplaatst) rietveld dat water zuivert volledig conform de Vlarem normen en een levensverwachting van zeker 20 tot 30 jaar heeft uit de grond te halen en te vervangen door een ander systeem?

 

Certificering

De certificatie- en keuringsdienst Certipro ontwikkelt voor elk systeem een passend schema, waarbij het de eisen afstemt op de bestaande of toekomstige Europese, nationale en gewestelijke reglementeringen en normeringen. Het dient gezegd dat een niet-gecertificeerd systeem even goed kan werken als een gecertificeerd. En dat een gecertificeerd systeem dat verkeerd gebruikt wordt ondermaats zal werken. Momenteel zijn de firma’s Roth, Eternit (Glynwed) en Belleaqua gecertificeerd. Eternit (Glynwed) en Roth presenteren actief slib-systemen in een kunststof behuizing en BelleAqua een ondergedompeld beluchte bacteriefilter (SAF) in een betonnen behuizing. Momenteel worden nog gemeentelijke en gewestelijke subsidies gegeven voor elk systeem dat voldoet aan de code van goede praktijk en dat in staat is het water te zuiveren tot een kwaliteit conform de Vlarem-normen. Zowel gecertificeerde als niet-gecertificeerde systemen kunnen hier aan voldoen. Concreet betekent dit dat niet-gecertificeerde systemen geplaatst kunnen worden tot de wetgever andere verplichtingen oplegt.

 

Volgens de VMM zullen de nieuwe zoneringsplannen pas eind 2007 of begin 2008 van kracht worden. Dit is alleszins een moeilijke situatie voor de gemeenten. Speciale aandacht dient besteed te worden aan plantensystemen. Op het eerste zicht is de geldende Europese norm gericht op compacte systemen. Plantensystemen zijn meestal niet uniform (noch van dimensionering, noch van uitvoering) en kunnen daarom niet zonder meer het vereiste Benor-keurmerk krijgen. De norm blijkt enkel onder bepaalde voorwaarden toe te passen op plantensystemen. Indien het systeem ‘slaagt’ in de geldende proeven en testen zal het Benor-keurmerk worden toegekend en zal de betreffende firma dit systeem als gecertificeerd op de markt mogen brengen. De firma kan het systeem ook in bouwpakket op de markt brengen. Volledig doe-het-zelf, zelfs volgens de ontwerpregels van de gecertificeerde firma, zal niet meer kunnen.

 

Eind van de tunnel?

Er zal dus nog veel al dan niet goed gezuiverd water naar zee stromen alvorens de situatie rond IBA helemaal duidelijk is. Het uitblijven van duidelijkheid rond de zoneringsplannen noopt de betrokken partijen in veel gevallen tot een afwachtende houding, niet altijd terecht maar vaak wel begrijpelijk. We kunnen enkel hopen dat de investeringen door particulieren, gemeenten of de overheid niet voor niets zullen blijken.

 

Peter Vanhoutteghem

Meer informatie
www.waterloketvlaanderen.be
www.certipro.be

 

Meer lezen?

Neem een abonnement

of vraag een gratis proefnummer aan

 

Achtergrondafbeelding

016 23 26 49

info@dialoog.be

facebook.com/dialoogvzw