Je bent hier » Tijdschrift » Ecologisch magazine de Koevoet » Koevoet 196 herfst 2021 » Het inschuifhuis een oplossing voor slooprijpe rijwoningen

Het InschuifHuis, een oplossing voor slooprijpe rijwoningen

Terug

De grootste grondstoffen- en energiebesparing realiseer je altijd door bestaande constructies maximaal te hergebruiken en waar nodig aan te passen aan de hedendaagse energieprestatie-, binnenklimaat- en comforteisen. Sommige gebouwen lenen zich echter niet tot renovatie omdat ze uit kwalitatief minderwaardige materialen werden opgetrokken of kampen met ernstige stabiliteits- en/of vochtproblemen. Dan rest er niets anders dan ze te slopen. Wanneer het gaat om een gebouw op een goed bereikbare locatie (stads- of dorpskern in geval van woningen) zonder een overaanbod aan geschikte leegstaande panden en niet gelegen in een overstromingsgevoelig gebied, dan is het aangewezen om op dezelfde plek een nieuwe constructie op te trekken. Een zogenaamd brownfield project is immers altijd beter dan te bouwen op een ongebruikt terrein (greenfield).

 

Idealiter – in de perfecte circulaire economie – sluit je vervolgens de materiaalkringlopen en maak je ze zo kort mogelijk door de nieuwbouw op te trekken uit de onderdelen, materialen en grondstoffen die je recupereert uit de afbraak van het oude gebouw. Helaas is dat niet altijd haalbaar, zeker in een stedelijke context waar een zo kort mogelijke werftijd aangewezen is. Hetzelfde geldt wanneer het gebouw bewoond is en de bewoners tijdens de looptijd van de werf elders moeten wonen. Andere, vernieuwende bouwconcepten dringen zich dan op. Zoals het InschuifHuis bijvoorbeeld. Slechts vier weken na de sloop van de bestaande rijwoning werd in juni het nieuwe huis letterlijk tussen de twee aanpalende woningen ingeschoven.

 

Het InschuifHuis

© Labland

 

Het InschuifHuis werd ontwikkeld door LabLand, een Gentse vzw die naar eigen zeggen ‘experimenteert met onderbenutte ruimte die ze samen circulair verbouwen tot grensverleggende woningen’. Het eerste InschuifHuis in Ledeberg is een samenwerking met houtbouwaannemer inhout en architect Nikolaj De Meulder. Inhout bouwt hiermee verder op de kennis en ervaring die ze in 2020 opdeden met de Mobble, een modulair en aanpasbaar prefab houtbouwconcept dat maximaal gebruik maakt van materialen met hernieuwbare grondstoffen. De korte werftijd was mogelijk omdat de nieuwe woning volledig in het atelier van inhout gebouwd werd. De sloop van het bestaande gebouw begon dus pas wanneer de nieuwbouw klaar was. Dat vraagt om meer uitleg. Als stichter en voorzitter van LabLand is Steven Vromman daarvoor de geschikte persoon.

 

Hoe kreeg het InschuifHuis vorm bij LabLand?

Steven Vromman: “Bij Labland onderzoeken we zoveel mogelijk alle facetten van de woonuitdagingen. Zowel de betaalbaarheid, de klimaatrobuustheid, het eigendomsmodel, het landgebruik enzovoort. In een woonstudie van de Stad Gent staat dat er de komende dertig jaar zeker 25.000 woningen moeten gerenoveerd worden, maar ook 20.000 woningen moeten worden afgebroken en vervangen. Het gaat vaak om rijwoningen in dichtbebouwde stadsbuurten. Dan zijn we gaan brainstormen over manieren waarop dit zou kunnen. Iemand zei letterlijk: “Het zou toch makkelijk zijn mochten we een nieuwe woning kunnen inschuiven”. We zijn dat idee verder gaan ontwikkelen, we hebben partners gecontacteerd en via een oproep in de lokale pers in maart 2019 gingen we op zoek naar geïnteresseerde eigenaars. Daar kwamen behoorlijk wat reacties op.”

 

Het ontwerp en de realisatie van een InschuifHuis verloopt wellicht niet volgens het klassieke stramien van een nieuwbouwwoning. Aan welk traject mogen InschuifHuis-kandidaten zich verwachten?

De eerste stap is een voorstudie waarbij we de woning gedetailleerd opmeten en bekijken of de randvoorwaarden in orde zijn. Dat gaat onder andere over toegankelijkheid voor de levering van de modules en eventuele verrassingen. Zo zijn we bij het eerste InschuifHuis pas na de sloop te weten gekomen dat er ook een kelder (van de buren!) onder de woning zat. Bij de voorstudie hoort ook een sloopinventaris zodat meteen duidelijk wordt of er onderdelen opnieuw te gebruiken zijn. Met die eerste voorstudie en de woonwensen van de eigenaar/bewoner kunnen we een prijsvork opmaken. Als er een akkoord is over de prijs en het ontwerp kan de bouwaanvraag worden ingediend. De prijs voor de bouwheer ligt dan ook vast.

 

Prefab

Kant-en-klaar of prefab huizen hadden in het verleden een bedenkelijke reputatie. De kwaliteit liet soms te wensen over. Kunnen jullie die obstakels vermijden met een werf van slechts vier weken (een week sloop, een week grondwerken, een week plaatsing en een week afwerking)?

Als de bouwaanvraag is goedgekeurd, kan de productiefase starten. Het InschuifHuis wordt in een atelier gebouwd en dat maakt het mogelijk om zeer precies en efficiënt te werken, wat de kwaliteit ten goede komt. Het InschuifHuis is geen tijdelijke woning en moet dus voldoen aan alle geldende eisen rond energieprestatie en veiligheid. Daarnaast kiezen we volop voor ecologische (nagroeibare) materialen. Elk InschuifHuis wordt op maat gemaakt op basis van 3D-metingen en valt dus moeilijk te vergelijken met prefabmodules die aan de lopende band gemaakt worden. Wat de timing betreft: de werf begint dus pas als de woning (inclusief keuken en badkamer) helemaal klaar staat in het atelier.

 

Hoe verzoenen jullie het modulaire Mobble-concept, dat de basis vormt voor het InschuifHuis, met de niet-modulaire afmetingen van een bestaand perceel en de locatiegebonden stedenbouwkundige voorschriften (kroonlijsthoogte, bouwvolume, dakvorm, materiaalgebruik enzovoort)? Wordt elk InschuifHuis een ‘huis op maat’?

Het zou inderdaad makkelijker zijn mochten we met een standaard gevelbreedte kunnen werken, maar de realiteit is dat bijna elk perceel anders is. Dus worden de ontwerpen ook aangepast aan die realiteit. Er wordt wel gebruik gemaakt van de software en de technische oplossingen van Mobble (bijvoorbeeld rond koppelingen, dichting enzovoort) maar een Inschuifhuis is geen Mobble-woning. Het gebruik van die methodologie maakt wel dat een InschuifHuis ook deels modulair kan zijn. Elk InschuifHuis wordt op maat gemaakt met een gestandaardiseerde technologie.

 

Jullie recupereren zoveel mogelijk materialen uit de sloop van de bestaande woningen. In welke mate worden deze materialen of componenten gebruikt in het InschuifHuis zelf?

In het eerste InschuifHuis is een van de ramen uit de oude woning opnieuw gebruikt. Onze sociale economie partner Recupdesign heeft een prachtige tafel gemaakt van de dakbalken. In principe zouden we nog verder willen gaan in het hergebruiken van materialen maar er zijn zowel wetten als praktische bezwaren die dat moeilijk maken. De meeste gebouwen zijn zodanig gebouwd dat het zo goed als onmogelijk is materialen te recupereren. Bakstenen recupereren is zo arbeidsintensief dat het onbetaalbaar is. Veel materialen zijn gelijmd en gekit waardoor ze niet uit elkaar te halen zijn. Mochten de arbeidskosten lager zijn en er verstandiger worden gebouwd, dan is het wel mogelijk veel meer te hergebruiken.

 

Jullie streven met het InschuifHuis naar hoge kwalitatieve bouwnormen. Concreet betekent dat: Bijna Energie Neutraal (BEN) of zelfs beter. Hoe makkelijk of moeilijk is dat in de praktijk?

Voldoen aan de kwalitatieve bouwnormen is niet zo lastig, precies omdat we met het InschuifHuis gebruik maken van de research en ervaring die vanuit Mobble is opgebouwd. Ook met natuurlijke materialen en een beperkte ruimte is het prima mogelijk zeer energiezuinig en gezond te bouwen.

 

Jullie kiezen voor een eenvoudig ontwerp en zoveel mogelijk gerecupereerde materialen die niet per se ‘voor de eeuwigheid’ moeten dienen. Hoe lang gaan die InschuifHuizen dan wel mee?

Dat is op dit moment moeilijk in te schatten, aangezien het eerste huis er nu pas staat. Maar we hebben er alle vertrouwen in dat de basisstructuur van zo’n woning makkelijk een eeuw kan meegaan. Door het bouwsysteem is het relatief makkelijk om specifieke onderdelen (vloer, keuken, technieken) te vervangen mochten die versleten of verouderd zijn. Bijkomend voordeel is dat als het huis ooit moet afgebroken worden een groot deel van de materialen opnieuw gebruikt kan worden.

 

Interessant artikel?

Zin om meer artikels van ons ecologisch magazine de Koevoet te lezen?

Bekijk onze abonnementsformules

of vraag een gratis proefnummer aan

 

Achtergrondafbeelding

016 23 26 49

info@dialoog.be

facebook.com/dialoogvzw