Je bent hier » Tijdschrift » Archief » Archief bouwen » Lok de natuur naar je huis

Lok de natuur naar je huis

Terug

Tips en tricks om je tuin ecologisch in te richten vind je tegenwoordig overal, maar ook met aanpassingen aan je huis kun je heel wat dier- en plantensoorten gelukkig maken. Woon je in een vrijstaande nieuwbouw, een oude rijwoning met kleine tuin of een appartement, elk huis beschikt over mogelijkheden om de aanwezige fauna en flora dichterbij te halen. Maak jij een plekje aan je huis vrij voor vleermuizen, vogels en insecten?

 

Dubbel kunstnest voor de huiszwaluw

 

Je huis vanaf het ontwerp willen delen met de dieren en planten uit je omgeving, heet natuurinclusief bouwen. Richt je het juist in, dan kunnen ze dankbaar gebruik maken van je muren, dak of zelfs kelder. Zo hoeven bebouwing en natuur niet in contrast te staan met elkaar, maar kunnen ze harmonieus samengaan. Om je op weg te zetten, geven we een overzicht van wat je kan inbouwen of achteraf kan plaatsen om extra bewoners aan te trekken. Gezellig, zo samenwonen!

 

Vogels en insecten

Voor sommige soorten is je huis de favoriete plek om tegen aan te nestelen. Je merkt het al aan hun naam, denk maar aan de huiszwaluw en de huismus. De huiszwaluw maakte oorspronkelijk zijn nest tegen hoge rotswanden, maar zag de kans om zijn broedgebied uit te breiden door tegen huizen zijn nest te bouwen. Andere soorten wonen in boomholtes, maar zeggen geen nee tegen een mooie nestkast.

 

Ga je nog bouwen of plaats je buitenisolatie, dan kan je verschillende soorten inbouwstenen verwerken in de isolatie. Afhankelijk van de vorm zijn ze elk geschikt voor een andere soort vogel. Denk maar aan de gierzwaluw, zwarte roodstaart, grauwe vliegenvanger, witte kwikstaart, roodborst en de winterkoning. Zelfs een insectenhuisje met holtes of bamboestrootjes kan je laten inbouwen. Perfect voor solitaire bijen! Het is bedoeld om laag op de muur te plaatsen, maximum twee meter hoog en liefst dicht bij bloemen. De bijen hebben het graag warm, dus het huisje zal het meest gebruikt worden als het op het zuiden staat. Zeer onderhoudsvriendelijk: de stenen met holtes worden door de insecten zelf onderhouden. In stenen met bamboe moeten de buisjes slechts eens in de paar jaar aangevuld worden.

 

Om een koudebrug te vermijden met dit soort inbouwstenen, wordt isolatiemateriaal met een hoge isolatiewaarde (bijvoorbeeld een hardschuim als resol) aan de achterkant van de inbouwsteen aangebracht. Je kan hem ook gewoon bovenop de isolatie plaatsen.

 

Ben je niet meteen van plan je gevels aan te pakken, dan kan je al deze nestmogelijkheden ook in kastvorm kopen om op te hangen. Zelf een nestkast bouwen om aan de gevel te hangen, is ook een optie. Afhankelijk van hoe hij gemaakt is, zal hij een andere vogel aantrekken. Elke soort heeft zo zijn voorkeur over het type en de grootte van opening.

 

Bij zowel een nestkast als een inbouwsteen speelt de locatie een rol. Zo hebben de meeste vogels liever een hoog geplaatst nest op het noorden of oosten en hebben ze een aanvliegroute vrij van bomen of struiken nodig. Sommige soorten zijn erg sociaal, zoals de gierzwaluw, de huiszwaluw en de huismus: ze wonen graag in de buurt van een soortgenoot. Meerdere nestplaatsen op één gevel hebben dus meer aantrek.

 

Voor huiszwaluwen is het niet altijd noodzakelijk om kunstnestjes te hangen, misschien heb je er al in de buurt en komen ze hun nest zelf onder de dakoversteek maken. Op voorwaarde dat het oppervlak ruw genoeg is en in de juiste kleur: ze verkiezen een witte dakoversteek boven een donkere. Voor het maken van hun nesten hebben ze modder nodig, het kan dus lonen om een modderpoel in de tuin aan te leggen. Om te voorkomen dat vallende modder of uitwerpselen op de stoep terecht komen, wordt soms een plankje geplaatst onder de nesten. Dit moet voldoende laag hangen, zodat de aanvliegroute vrij blijft. Bovendien moet je het jaarlijks schoonmaken. Daarom is het meestal makkelijker om er geen te plaatsen en gewoon wat zand te strooien onder de nesten, zodat uitwerpselen makkelijk weg te scheppen zijn. Vraag ook eens na bij je gemeente of er acties rond huiszwaluwen lopen. Verschillende gemeenten voorzien het ophangen van kunstnestjes, mestplankjes tot soms zelfs een onderhoudssubsidie per bewoond nest.

 

Woon je midden in de stad en heb je geen huiszwaluwen in de buurt, dan zitten er zeker gierzwaluwen. Hang dan een gierzwaluwkast (ze bestaan in allerlei vormen en maten) aan je dakrand en wie weet geniet je dan op zwoele zomeravonden van hun acrobatische capriolen en hun typisch zuiders gierend geluid.

 

Zie je het groots en wil je graag een ooievaarsnest op je dak of schoorsteen? Dan zijn er een paar checks om te overlopen. Zie je vaak ooievaars in de omgeving? Ooievaars wonen het liefst in valleigebieden met veel gras- en hooilanden, zodat ze op zoek kunnen gaan naar een smakelijke kikker of muis. Bovendien moet de aanvliegroute naar het dak vrij zijn van obstakels. Het kan zijn dat een hoge boom of paal in de tuin meer geschikt is.

 

Ooievaars kunnen voor flink wat overlast zorgen: ze klepperen erg luid, zorgen voor uitwerpselen op je dak en laten wel eens wat naar beneden vallen, zoals takken en voedselresten. Is dat allemaal geen probleem voor jou, ga dan eens na of je een vergunning nodig hebt in jouw gemeente. Handige klussers kunnen het daarna zelf in elkaar steken. Besteed je dat liever uit aan een ander, dan kan je het kant-en-klaar kopen in Nederland.

016 23 26 49

info@dialoog.be

facebook.com/dialoogvzw