Duurzaam Bouwen & Bewust Wonen
Find us on facebook

de Koevoet » Archief

terug naar overzicht

Natuurinclusief ontwerpen bevordert biodiversiteit

Natuur is overal in de stad

Je kunt niet alleen je tuin zodanig inrichten dat planten en dieren van allerlei slag er zich thuis voelen. Ook je huis zelf kan een uitnodiging zijn voor de natuur om er zich te vestigen. Dat kan via nestkasten voor vogels en vleermuizen of een groene gevel. Natuurinclusief ontwerpen heet dat. Vooral in de stad, waar het samenleven tussen mens en natuur niet vanzelfsprekend is, liggen de kansen voor het grijpen. Denk bijvoorbeeld aan de slechtvalken die het goed doen in de hoogste gebouwen van onze steden omdat het hen herinnert aan de rotsen waar ze hun nest bouwden. Lege zolders en spouwmuren boden vroeger, naast spleten en kieren, kansen voor dieren en planten om in huizen te gedijen. Dat is nu veel minder het geval met alle gerechtvaardigde aandacht voor isolatie. Maar daar valt dus wel een mouw aan te passen.

De Nederlandse auteurs van Stadsnatuur maken Jacques Vink, Piet Vollaard en Niels de Zwarte werken als architect, bioloog en stadsecoloog in Rotterdam. Zij verwachten dat het natuurinclusief ontwerpen binnen enkele decennia net zo ingeburgerd zal zijn als het duurzaam ontwerpen vandaag. Ontwerpers moeten daarvoor basiskennis verwerven over de stedelijke biotopen en soorten. Hun kennis over ecologie en stadsnatuur moet bijgespijkerd worden om deugdelijk werk te leveren. In plaats van versiering of kers op de taart wordt natuur dan een integraal onderdeel van elk ontwerp, vanaf het begin.

In Stadsnatuur maken / Making Urban Nature, tweetalig Nederlands – Engels voor een internationaal bereik, presenteren de auteurs enkele tientallen geslaagde voorbeelden van deze praktijk uit Noordwest-Europese steden. Ze beschouwen de stad als een ecosysteem met een hoge biodiversiteit. Die is zelfs hoger dan in landbouwgebieden waar het aantal soorten gestaag afneemt. Enkele concrete projecten uit verschillende landen maken meteen duidelijker hoe de vork aan de steel zit.

Delen op facebook


© Henk Tammens

Fietsecoduct Groningen

Groningen is de meest ontsnipperde stad van Nederland. Groene corridors zorgen voor een goed dooraderde groene stad. Als nieuwe schakel in dit netwerk verbindt ecoduct Meedenpad twee groene gebieden aan beide zijden van de Oostelijke Ringweg. Er is hier weinig bebouwing, het ligt in de luwte van de woonomgeving en er zijn nagenoeg geen barrières om het pad te bereiken. Het eerste binnenstedelijke ecoduct van Nederland bestaat uit een vier meter breed fiets- en voetgangerspad dat van een drieënhalf meter brede faunapassage is gescheiden door een haag van bottelrozen. Om de oversteek voor kleine zoogdieren zoals egels, reeën, hazen en vossen beschutting te geven, is dit deel ingericht met een ondergrond voor beplanting en zijn er stronken geplaatst. Een interactief paneel en een webcam informeren over de dieren die gebruikmaken van het ecoduct.

Oeverzwaluwwand Montrose

Oeverzwaluwen broeden in zelfgegraven holen in rotsen en heuvels. Waterrijke gebieden en met name kanalen en beken zijn hun natuurlijke habitat. Door kanalisatie en ander waterbeheer zijn veel van de natuurlijke nestplaatsen verdwenen. In Montrose Basin in Schotland worden ze daarom een handje geholpen met een door vrijwilligers gemaakte oeverzwaluwwand. Die bestaat uit twee muren van holle betonstenen, aan elkaar verankerd met een hulpconstructie. Tussen de wanden, die circa twee meter uit elkaar staan, is zand aangebracht. Het aangestampte zand is bedekt met grond en beplanting. De insecten die op de bloemen en planten afkomen, zijn een voedselbron van de oeverzwaluwen. Aan beide kanten zijn gaten in de muur gemaakt, elk genummerd om systematisch te kunnen observeren. De vogels graven met de snavel holen van soms wel een meter diep in het zand.

Verder lezen?

Neem een abonnement

of vraag een gratis proefnummer aan.


© 2000-2017, Dialoog vzw : Duurzaam Bouwen & Bewust Wonen - Disclaimer
Remylaan 13, 3018 Wijgmaal-Leuven -