In 1996 startte in Nederland het programma ‘Voorbeeldprojecten duurzaam en energiezuinig bouwen’. Nu, zes jaar later, worden de woningen van vijftien voorbeeldprojecten geëvalueerd. Aan 450 bewoners van de projecten werd gevraagd naar hun ervaringen met duurzaam wonen. De balans is positief, de meesten zijn heel tevreden. Niet alleen omwille van rationele argumenten (comfort, kostenbesparing en milieuwinst) maar ook omwille van het goed gevoel.
Vlaanderen is natuurlijk Nederland niet. Tegenover onze individuele aanpak staat Nederland, waar tientallen woningen tegelijkertijd gebouwd worden en nadien verkocht of verhuurd. In Nederland staan dus veel meer duurzame woningen dan in België. Had men de Nederlander zelf laten bouwen, zouden er dan minder dubo-woningen gebouwd zijn? Wellicht. Maar nu ze er toch staan, zijn er meer bewoners te vinden die in een dubo-huis gewoond hebben en nadien, bij een verhuis, opnieuw kiezen voor zo’n dubo-project. In het boek ‘Duurzaam bouwen, duurzaam wonen’ noemt men deze evolutie: ‘weten is beminnen’. Hoe meer men van een woning weet, hoe meer men ze begint te appreciëren. Men pleit dan ook voor het verstrekken van een handleiding bij elke woning. Deze handleiding moet minstens twee vragen over elk woningelement beantwoorden: ‘waarom is dit zo opgevat?’ en ‘hoe moet ik dit gebruiken en onderhouden?’. Bv. over de bediening van ventilatie- en verwarmingssystemen, of over de soort vloerbedekking die kan worden gebruikt in combinatie met vloerverwarming.
Bewoners zijn veelal enthousiast over het comfort dat met dubo samenhangt en ook over het feit dat ze met hun woning een bijdrage leveren aan een schoner milieu. Als algemene regel kan je stellen dat dubo-maatregelen niet te ingewikkeld mogen zijn en het wooncomfort niet mogen benadelen. Dan is succes verzekerd. Zo twijfelt in Nederland niemand nog aan het nut van goede thermische isolatie. Thermische isolatie van muren, vloer en dak is een robuuste maatregel waarbij het uiteindelijk milieu-effect niet afhankelijk is van wat de bewoner er mee doet. Bij de meeste dubo-maatregelen ligt dit enigzins anders: het resultaat is sterk afhankelijk van hoe de bewoner er mee omgaat. Veel mensen zijn bv. voor het gebruik van regenwater voor toiletspoeling. Wanneer dat water echter stinkt of troebel wordt en men niet snel met een oplossing voor de dag komt, dan wordt het systeem afgesloten en het toilet terug gewoon met kraantjeswater gespoeld. Weg milieu-effect.
De auteur van het boek ziet drie opgaven weggelegd voor de ontwerpers en voorstanders van dubo-maatregelen:
Dominic Van Clé
BouwTeam-medewerker
'Duurzaam bouwen, duurzaam wonen: dubo-woningen en hun bewoners',
H. Bouwmeester, Aeneas, Boxtel, 2002, 71 blz., € 22,5
Te bestellen
bij: Aeneas, Postbus 101, 5280, AC Boxtel, Nederland, mail@aeneas.nl